Aanhouding van de minderjarige verdachte

Geplaatst: 9 juli 2018

Minderjarigen die zich in de leeftijd 12 t/m 17 jaar bevinden kunnen op verdenking van een strafbaar feit door de politie worden aangehouden. Het is nogal wat, wanneer je als minderjarige wordt verdacht van een strafbaar feit. Jeugdzonde’s noemt met het vaak, maar soms is het toch wel zo ernstig dat er fors ingegrepen wordt door Justitie. De maatschappij is in de afgelopen decennia verhard en daarmee ook de interventie van het strafrecht jegens minderjarigen. Een knokpartijtje wordt niet altijd meer afgedaan met een waarschuwing, maar kan al snel leiden tot een verdenking mishandeling of openlijke geweldpleging.

Het beleid van de overheid richt zich erop om het aantal kinderen dat in een politiecel verblijft zo laag mogelijk te houden. Een politiecel is eigenlijk geen kindvriendelijke omgeving. Het komt echter nog geregeld voor dat minderjarigen worden aangehouden en vastgehouden. Voor minderjarigen geldt net als bij volwassenen dat zij na aanhouding door de politie worden gewezen op het recht een advocaat te consulteren. De politie wijst de minderjarige bij de aanhouding ook op het recht om tijdens het politieverhoor te worden bijgestaan door een advocaat. Er gelden voor minderjarigen echter wel andere/striktere regels dan bij volwassen verdachten. Minderjarigen verdachten worden gezien als kwetsbare verdachten.

De niet-aangehouden minderjarige verdachte

In het geval een minderjarige verdachte een brief (de zgn. ontbiedingsbrief) krijgt om zich te melden bij de politie voor een verhoor dan betekent dat niet per se dat hij/zij door de politie zal worden aangehouden. Dan is er geen verplichte rechtsbijstand door een advocaat. Het is wel wenselijk om na het ontvangen van zo’n ontbiedingsbrief contact op te nemen met een advocaat voor een oriënterend gesprek. De advocaat kan een niet-aangehouden minderjarige trouwens wel bijstaan tijdens het politieverhoor, maar de overheid vergoedt de werkzaamheden van de advocaat dan helaas niet.

Consultatiebijstand voor de aangehouden verdachte

Wanneer een minderjarige wordt aangehouden dan maakt de politie daarvan standaard melding bij de Raad voor Rechtsbijstand. De Raad schakelt een piketadvocaat in óf een voorkeursadvocaat (als de verdachte dat heeft aangegeven), waarna er kosteloos rechtsbijstand kan worden verleend ten aanzien van de aanhouding en de daarop volgende voorlopige hechtenis. De advocaat bezoekt de minderjarige verdachte binnen twee uren nadat de melding van de Raad voor Rechtsbijstand is ontvangen. Voor de aangehouden minderjarige verdachte moet dus altijd een advocaat worden opgeroepen. De advocaat verleent dan zgn. consultatiebijstand.

Consultatiebijstand betekent dat de advocaat met de verdachte de aanhouding en de verdenking bespreekt. Ook wordt besproken wat er strafrechtelijk gezien te verwachten valt, zoals de mogelijkheid om langer in voorlopige hechtenis te zitten, de verdedigingsstrategie, gebruikmaken van zwijgrecht ja/nee en persoonlijke omstandigheden. Consultatiebijstand wordt altijd gegeven vóórafgaand aan het politieverhoor.

Vanaf 1 maart 2017 geldt dat de aangehouden minderjarige verdachte géén afstand meer kan doen van zijn/haar recht op consultatiebijstand, ongeacht zijn/haar leeftijd of het strafbare feit waarvan de minderjarige wordt verdacht.

Verhoorbijstand

Tijdens de consultatiebijstand wordt ook besproken of er de wens en noodzaak bestaat van verhoorbijstand. Een minderjarige verdachte kan kiezen of hij/zij de advocaat of een vertrouwenspersoon bij het verhoor aanwezig wil hebben. Het is zelfs mogelijk dat een advocaat én een vertrouwenspersoon tijdens het verhoor aanwezig zijn, indien de politie dat toestaat in verband met de (emotionele) gesteldheid of persoonlijke situatie van de minderjarige en/of in het belang van een goed verloop van het opsporingsonderzoek. De advocaat en/of de verdachte maakt de keuze vervolgens aan de politie kenbaar. Speciaal voor minderjarigen geldt dat de ouders/voogd ook kunnen verzoeken om verhoorbijstand door een advocaat, ook al heeft de minderjarige aangegeven te willen afzien van verhoorbijstand.

De ouders van de minderjarige worden in overleg met de minderjarige zelf -en voor zover het onderzoek het toelaat- zo snel mogelijk geïnformeerd over het verloop van de zaak.

De politie zal de advocaat vervolgens benaderen wanneer het verhoor zal beginnen. In de praktijk is het plannen van een verhoor nog best lastig, aangezien de advocaat niet weet welke agent het verhoor zal afnemen of wat de planning überhaupt is. In ieder geval is het voor minderjarigen van belang dat zij niet te lang vast zitten en dat er voortvarend gehandeld wordt.

De verhoorbijstand is onderworpen aan strikte regels. De advocaat fungeert vooral als “bewaker van het strafproces”. Zo is de advocaat alleen direct na aanvang van het verhoor en direct voor afloop van het verhoor bevoegd om opmerkingen te maken of vragen te stellen. De advocaat is o.a. wel bevoegd de politie tijdens het verhoor opmerkzaam te maken van het feit dat de minderjarige verdachte een hem gestelde vraag niet begrijpt of dat de fysieke of psychische toestand van de verdachte zodanig is dat deze een verantwoorde voortzetting van het verhoor verhindert.

Voorlopige hechtenis

De politie heeft de mogelijkheid om een verdachte gedurende 9 uren vast te houden voor verhoor. De nachtelijke uren tussen 00.00 uur en 09.00 uur worden niet meegerekend. Mocht de politie dringende redenen hebben om een verdachte langer te willen vasthouden dan moet de verdachte in verzekering gesteld worden. Dat kan voor maximaal 3 dagen. De hulp officier van justitie (dat is een bevoegde politieagent) zal dan een bevel inverzekeringstelling afgeven. Dit kan bij dringende noodzakelijkheid nog worden verlengd met 3 dagen. De advocaat wordt hiervan altijd op de hoogte gesteld. Tijdens de inverzekeringstelling heeft de minderjarige verdachte onbeperkt toegang tot zijn advocaat. Ook kan hij/zij bezoek ontvangen van ouders, maar dit kan worden beperkt vanuit het onderzoeksbelang. Het bezoek van ouders vindt plaats onder toezicht, zodat het strafrechtelijk onderzoek niet belemmerd kan worden.

Meestal vindt de inverzekeringstelling plaats op het politiebureau of cellencomplex, maar dit kan ook thuis of bij familie plaatsvinden. In de meeste gevallen verblijft een minderjarige tot na het verhoor op het politiebureau. Vaak geeft de Officier van Justitie bij de heenzending van de minderjarige verdachte al te kennen welke vervolgingsbeslissing er genomen zal worden.

In de zwaardere strafzaken bestaat er zelfs de mogelijkheid dat de minderjarige langer vast blijft zitten: eerst 14 dagen bewaring en mogelijk daarna maximaal 90 dagen gevangenhouding. In dat geval wordt de minderjarige overgeplaatst naar een justitiële jeugdinrichting. Er vindt dan nog wel eerst een toetsing plaats door de rechter-commissaris (bij vordering tot bewaring) en mogelijk daarna nog toetsing door raadkamer van de rechtbank (bij vordering gevangenhouding). Het uitgangspunt is dat toepassing van voorlopige hechtenis een laatste redmiddel is, een ultimum remedium. Wij zullen voor minderjarige cliënten dan ook altijd verzoeken om de voorlopige hechtenis te schorsen.

En wat gebeurt er daarna

Wij attenderen onze cliënten altijd op de mogelijke gevolgen van een aanhouding. Wanneer de minderjarige weer naar huis mag dan adviseren wij om contact met ons kantoor op te nemen indien:

  • het Openbaar Ministerie een dagvaarding uitreikt om voor de kinderstrafrechter te verschijnen;
  • het Openbaar Ministerie de minderjarige uitnodigt voor een officierszitting;
  • de minderjarige een strafbeschikking van het Openbaar Ministerie ontvangt waar hij/zij het niet mee eens is (dan kunnen we binnen 14 dagen verzet aantekenen);
  • wanneer de minderjarige een sepot-brief ontvangt, waarin het Openbaar Ministerie aangeeft hem/haar niet strafrechtelijk te zullen vervolgen. Dan bestaat er wellicht de mogelijk om schadevergoeding te vragen voor de duur (nachten) dat de minderjarige ten onrechte in verzekering is gesteld.

Wetenswaardig is dat wanneer de strafzaak wordt afgedaan met een waarschuwing of verwijzing naar HALT de minderjarige dan géén strafblad krijgt. Alle andere strafrechtelijke afdoeningen komen wel op het strafblad te staan. Een strafblad kan negatieve gevolgen hebben voor het aanvragen van een verklaring omtrent gedrag (VOG), die minderjarigen voor een studie of stage nodig zouden kunnen hebben. Ook hierom is het van belang in een vroeg stadium van het strafproces een gespecialiseerd jeugdstrafrechtadvocaat in te schakelen.

« Ouder nieuws:
Nieuwer nieuws: »